De laatste maanden heb ik veel dingen gezien, gehoord en gedaan die nu langzaam op hun plek beginnen te vallen. Ik heb tijd. Tijd genomen, de tijd benut en gemijmerd.
Tijd is eigenlijk het enige dat we hebben als mens. En als je dan toch tijd hebt en niet alleen maar doorgaat, rijst de vraag: waar wil ik eigenlijk naartoe werken in mijn leven? En hoe wil ik dat vormgeven?
De zomer staat bol van bloei. Nu op haar hoogtepunt. De vogels hebben hun eieren gelegd en de jongen worden zo langzamerhand vliegvlug.
Nu ik nog. Nu wij nog.
Oogsten. Het is oogsttijd.
Afgelopen weken was het Oerol Festival. Het eiland barst dan bijna uit zijn voegen en deint mee op de beats die in de warme zomeravondlucht hangen en die ik hoor vanuit mijn inmiddels weelderig groene en bloeiende tuin. Mijn trots. Mijn rustpunt.
In mijn werk spreek ik veel mensen, ook medewerkers van Oerol, die onder hoge spanning en met weinig tijd veel werk verzetten en daarnaast proberen zoveel mogelijk van de programmering te zien. Want oh, wat is er veel moois. Veel indrukwekkends. Veel dat je blik kan verruimen. Het is bijna te veel om te verwerken. Stilzitten is haast onmogelijk, want er is zoveel te doen en te zien.
Een tijdje geleden zag ik de documentaire Tina in Sexbierum. Prachtig. En ook zo herkenbaar. Een kleine, hechte gemeenschap waarin je erbij hoort als je meedoet. Waar je misschien zelfs een beetje van jezelf uit moet zetten om erbij te mogen horen.
Maar Tina liet ook iets van zichzelf zien. Door nieuwsgierig het gesprek aan te gaan met bewoners van het dorp. Door zichtbaar te maken wat er leeft, zonder daar direct een oordeel aan te verbinden.
Tijdens Oerol sprak ik twee vriendinnen die vertelden dat ze zichzelf herkennen in Tina. Ook voor hen voelt het soms zo op het eiland. Je mag er wel zijn, maar dan moet je je wel een beetje aanpassen. Het ergens binnenkomen en het ongemak voelen van de blikken die op je gericht zijn.
Dat gesprek bleef hangen.
Mag ik hier wel zijn?
Het blijft voor mij ook zo’n sudderende vraag op de achtergrond.
Want wat als je anders denkt? Wat als je van andere dingen houdt dan veel mensen in je omgeving, van wie je houdt? Van Oerol bijvoorbeeld. Van de kleurrijke mensen en meningen. Van een voorstelling die een ander licht laat schijnen op bepaalde thema’s.
Een van mijn mooiste ontmoetingen tijdens Oerol vond plaats bij het koffieapparaat bij het kantoor.
Ik raakte aan de praat met een van onze nieuwkomersvrijwilligers. Hij is blind en woont al vier jaar in een AZC. Dit was de eerste keer dat hij buiten het AZC vrijwilligerswerk deed. Wat mij raakte was de blijdschap die van hem afstraalde. De vreugde van iets kunnen doen. Van ergens onderdeel van zijn. Van meedoen. Het was een plezier om te zien!
En ik zag, als kers op de taart in het laatste weekend, de voorstelling AZC de Musical van George Tobal. Een voorstelling die mij diep heeft geraakt, inzicht heeft gegeven en wakker heeft geschud.
Wat betekent het om ergens bij te horen? Om welkom te zijn? Met je rugzak. Met alles wat je hebt meegemaakt, maar wat niet direct zichtbaar is. Wat betekent het om gezien te worden, om mee te mogen doen?
Die ervaringen samen hebben mij opnieuw laten beseffen hoe belangrijk een warme en veilige gemeenschap is. Een gemeenschap waarin ruimte is voor verschillen. Waar mensen het gevoel hebben dat ze erbij horen. Waar nieuwsgierigheid belangrijker is dan oordelen.
Want ik denk dat het allebei kan bestaan, naast elkaar. Dat je iets spannend vindt én toch je steentje bijdraagt. Dat je vragen hebt én open blijft staan voor de ander. Dat je verschillend bent en elkaar toch kunt ontmoeten.
Misschien is dat wel een deel van de oogst van deze zomer. Dat de vraag “Mag ik hier wel zijn?” veel vaker onder de oppervlakte leeft dan we denken. Bij de nieuwkomer die voor het eerst vrijwilligerswerk doet. Bij mensen die zich anders voelen dan de groep. Bij mensen die zoekende zijn naar hun plek. Misschien zelfs wel een beetje bij ons allemaal.
In mijn praktijk ontmoet ik veel mensen die op hun eigen manier met die vraag bezig zijn. Mensen die verlangen naar meer ruimte om zichzelf te zijn. Die merken dat ze zich hebben aangepast, zijn gaan voldoen aan verwachtingen of ergens onderweg het contact met zichzelf zijn kwijtgeraakt.
Vaak begint verandering niet met een antwoord, maar met de moed om nieuwsgierig te worden naar wat er in jezelf leeft.

